Geschiedenis

Baden Powell : Stichter van Scouting

Geboren te London 22/2/1857 
Overleden te Kenya 8/1/1941

Hij was officier en later generaal in het Britse koloniale leger en diende in alle delen van het Britse Rijk, vooral in Indië en Afrika. Hij werd gans Engeland door bekend tijdens de boerenoorlog in Zuid-Afrika (1892-1902) door de verdediging van het stadje Mafeking. Hij waardeerde de boeren van Zuid-Afrika (die hij bevochten had) om hun hard, eenvoudig, dapper leven, hun rotsvast geloof, hun vaardigheid in het verkennen, in woudloperij, in kamperen en openluchtleven. Hij wilde dat de jeugd van zijn vaderland zoveel mogelijk zou leven zo als die taaie en krachtige kerel en zoals de kolonialen en ontdekkingsreizigers die hij had ontmoet in Azië en Afrika. Daarom stichtte hij in 1908 de verkenners. In 1909 werd hij verheven tot de adelstand en kreeg alzo de naam van: Lord Baden Powell of Gilwell. De beweging breidde zich zo snel uit dat hij in 1910 ontslag nam als generaal om zich volledig te wijden aan de leiding van zijn jeugdbeweging. In 1916 stichtte hij de welpen en in 1918 de voortrekkers.

Testament van R. Baden Powell

Beste Scouts,

Als je ooit het stuk 'Peter Pan' gezien hebt, zul je je herinneren hoe de piratenhoofdman steeds bezig was met zijn laatste toespraak, omdat hij bang was dat, als soms zijn tijd gekomen was om te sterven, hij de gelegenheid niet meer zou vinden om het van zijn hart te krijgen.

Zo ook met mij, en al lig ik voor het ogenblik niet op sterven, toch zal die tijd één dezer dagen ook voor mij aangebroken zijn en daarom moet ik jullie een vaarwel toesturen in een woordje van afscheid

Wees indachtig dat het het laatste is wat jullie ooit van mij zult horen; denkt er dus over na. Ik heb een heel gelukkig leven gehad en wens ieder van jullie ook zo'n gelukkig leven.

Ik geloof dat God ons in deze heerlijke wereld geplaatst heeft om gelukkig te zijn en van het leven te genieten. Geluk komt niet door rijkdom, of alleen maar door succes te hebben in je loopbaan, evenmin als door gemakzucht. Een stap naar het geluk toe is het, jezelf gezond en sterk maken terwijl je een jongen bent, zodat je nuttig kunt zijn en op die manier van het leven kunt genieten als man.

Het bestuderen van de natuur zal je leren hoe God de wereld voor je gemaakt heeft vol mooie en wondere dingen opdat je er zoudt van genieten. Weest tevreden met wat je gekregen hebt en maak er het beste van. Bekijkt de dingen langs hun lichtende kant in plaats van de duistere.

De echte weg echter om geluk te verwerven, is geluk te schenken aan anderen. Probeer deze wereld een beetje beter te verlaten dan je haar vond, opdat je, als jouw beurt gekomen is om te sterven, je dan gelukkig kunt sterven, met het gevoel, dat je in elk geval je tijd niet verknoeid, maar je best gedaan hebt. 'Weest paraat' in die zin, gelukkig te leven en gelukkig te sterven - steeds trouw aan je scoutsbelofte - zelfs als je geen jongen meer bent - daartoe helpe je God.

Je vriend,
B.-P.

Scouting in Belgie

De eerste groepen kwamen tot stand in 1912. In 1913 werd het Katholiek verbond der Baden-Powell scouts gesticht.

Sedert 1930 bestaan er in België 3 verbonden:

  • De neutrale Boy-Scouts van België
  • De Waalse Katholieke Scouts (FSC)
  • Het Vlaamse Verbond der Katholieke Scouts (VVKS) 
    (begin jaren '90 werd de M, die staat voor 'Meisjesgidsen' aan de naam toegevoegd)

De stichter van het VVKS (1930) is Georges De Hasque (overleed 1933). 

De patronaatswerking: Bron van ontstaan van Jan Breydel

In het jaar 1938 richtte toenmalig onderpastoor van de Sint-Catherinaparochie, E.H. Robert Smets, het patronaat op: een jeugdbeweging, die werd geleid door de onderpastoor. Die probeerde er voor te zorgen dat de 14-jarige jonge knapen hun zondagnamiddag op een zinvolle wijze konden doorbrengen. De directe aanleiding tot de oprichting van dit patronaat was de start van filmvertoningen in de zaal "Vlaamsch Huis" (in de volksmond "bij De Schoen"), waar zich nu Zaal De Club bevindt. De opkomende filmnijverheid en de bioscoopzalen stonden niet bepaald in een geur bij onze parochiegeestelijkheid: de film was een uitvinding van de duivel, en jonge mensen moesten er van verwijderd worden. De vertoningen hadden plaats zondagvoormiddag voor de jeugd, en 's avonds voor de volwassenen. Daarom werd voor de zondagnamiddag naar een alternatieve ontspanningsvorm voor jongeren gezocht. Iedere zondag kwamen ze samen in naar het Lof om 14.30u in de Kerk. Daarna trokken ze erop uit voor lange tochten om de streek te verkennen. Bij slecht weer vergaderden we in de oude Gildezaal in de Wilsonstraat; dan vertelde de onderpastoor, leerde hij liederen aan, las hij voor uit boeken, speelden ze gezelschapsspelen. De goede onderpastoor Smets, die er al die jaren in geloofd heeft, was werkelijk de leider en de econoom; na enkele maanden werden we verrijkt met een vlag, vendelwimpels, zelfs uniformen (de geest van de tijd!) en in de processie vormden we één der talrijkste groepen.

Meer dan een jaar lang scheerde het patronaat van de onderpastoor hoge toppen en genoot deze vorm van jeugdbeweging het volle vertrouwen van de ouders.

Maar dan kwam er de oorlog, de bezetting, het aarzelend zoekn en afwachten, en dus ook moeilijke jaren voor het patronaat. De winter van 1941 was koud en streng. Er waren geen steenkolen. De Gildezaal in de Wilsonstraat kon niet verwarmd worden. Daarom bleven meer en meer jongens uit het patronaat, de scouts- en gidsenwerking kwam in de plaats.

Het ontstaan van de Scoutsgroep Jan Breydel

Beste Scouts,

In onze buurgemeente Duffel was er van in het begin van de jaren '40 een sterke scoutsgroep: de 12BP. Norbertusgroep Duffel. Enkele jonge scoutsleiders uit deze groep werden in contact gebracht met onderpastoor Smets.

Om de nodige ervaring om te doen voor de oprichting van een scoutsgroep in onze parochie, stapten op verzoek van onderpastoor Smets iedere zondagnamiddag enkele jongeren naar Duffel. Nadien werden zowel te O.-L.-V.-Waver (onder impuls van onderpastoor De Handschutter) als te Sint-Katelijne-Waver in het centrum, plaatselijke scoutsgroepen opgericht. Ze waren van in het begin aangesloten bij VVKS, maar toch als onderafdeling van de bestaande scoutsgroep van Duffel (12 BP Norbertusgroep Duffel B), want nieuwe scoutsgroepen mochten van de bezetter niet worden opgericht.

In Sint-Katelijne-Waver kreeg de groep voor inwendig gebruik de benaming 23 B.P. Jan Breydel. De eerste leiders waren Willy Op De Beeck, Antoine Janssens en Frans de Muyer, allen uit Duffel, en met E.H. Robert Smets als aalmoezenier. Een zeer talrijke en bloeiende welpengroep o.l.v. de juffrouwen Martha Janssens (Akela) en Torfs (Baloe) maakte de onmisbare onderbouw uit. Op 7 februari 1943 stak de scoutsgroep officieel van wal.
Enkele weken na de oprichting van de scoutsgroep werd een gidsengroep gesticht door de juffrouwen Van Riet, Joostens, S. Van Den Eynde en J. Hofmans, en later Wivine Willems. Hoewel het ontstaan uit dezelfde basisopvatting en met dezelfde organisatorische opbouw ontstond, bleef de werking van deze Gidsengroep Sint-Katrien de eerste jaren totaal gescheiden verlopen van die van de scoutsgroep. In die tijd had men het immers ook niet anders geduld.

De eerste jaren, tijdens de oorlog

Het was dus op 7 februari 1943 dat de groep zijn definitieve structuur (leiders, namen, kleuren, totems) en vergaderplaats had gevonden en de groep zijn eerste maal vergaderde. Willy Op de Beeck (Spitsvondige Beer) fungeerde als master en groepsleider, Antoine Janssens (Zwarte Reiger) en Frans De Muyer als assistenten. Martha Janssens was de eerste Akela en E.H. Robert Smets de eerste aalmoezenier.

Iedere zondagnamiddag (na het Lof van 14.30u) was er vergadering, in de loop van de week was er Ereraad waarop de leiding de volgende vergadering voorbereidde. In een logboek werd over idere vergadering een verslag gemaakt, en per patrouille was er een verslagboek.

Het eerste kampvuur werd gehouden op 16 mei 1943 en op 11 juli in datzelfde jaar konden de eerste leden hun belofte afleggen. De topper van het eerste echte en volledige werkjaar was het eerste kamp van 3 dagen te Bonheiden. Voor de eerste keer werd er kennis gemaakt met bivak, kampvuur, eigen pot koken op eigen houtvuur, nachtspelen en zovele avontuurlijke zaken meer.

Ondertussen had de groep de beschikking gekregen over de kelder onder de sacristie, en over de torenzaal boven in de toren. Door de oorlog was het moeilijk om te blijven vergaderen, te verzetter verbood immers vele van de activiteiten. De werking van de scouts- en gidsenbeweging werd in het begin van de lente van 1944 stilgelegd, om ze begin juli hetzelfde jaar terug te hervatten. Maar de bezetting was voorbij, en op slag verschenen ze terug in korte broek, het enige uniformstuk. Na het onzekere jaar 1944 was het ledenkorps herleid tot een trouwe vaste kern die nog lang zou meegaan. Ook de leiding was totaal vernieuwd: het oorspronkelijke leiderstrio uit Duffel had begin 1944 na hun verdienstelijke pionierarbeid het roer van de beweging aan mensen van Katelijne zelf.

De naoorlogse jaren

In de jaren na wereldoorlog II, was de scoutsbeweging bij ons een echte dorpbeweging: ze beheerste het jeugdleven, het straatbeeld trok tieners aan. Als lokalen hadden we de kelder van de kerk en de torenzaal: er kwamen zelfs patrouillehoeken en muurschilderingen aan te pas...

In de fameuze bevrijdingsstoet van 19 augustus 1945 had de scoutsbeweging voor 3 wagens gezorgd: een boot vol welpen was één van de 3.

In onze parochie waren het de leiders van de scoutsbeweging die de eerste Koningsmeeting organiseerden, als trouwbetuiging aan koning Leopold lll. Ze regelden de deelname van Katelijne aan de Koningsbetoging te Antwerpen.

Op 24 december 1945 werd, zoals het jaar ervoren, voor de ouders een Kerstfeest georganiseerd in de zaal Sint-Catharina, en op 20 januari 1946 was er de Bonte Avond in dezelfde zaal, die het jaar ervoor verboden was geweest door de bezetter.

De V.T.'s - tijlstam

We kunnen de veertiger jaren niet afsluiten zonder de oprichting en de werking van de V.T.stam Tijl te vermelden. Elke zaterdagavond vergaderden ze in de kelder van de kerk. De meesten van hen vervullenoook nog een leiderstaak in één van de takken.

Er zijn verschillende constantes in hun wekelijkse vergaderingen:

  • De biljart- en kaartpartijen, het zingen van trek- en heimatliederen, de perikelen met het kacheltje...
  • De zekerheid van groepsspelen
  • De jaarlijks terugkomende toneelopvoeringen: "S.O.S. Victrix", "Ecce Sacerdos", "Marten de Haas", "De Gestrafte met de koorde".
  • De liefde voor de Vlaamse wielersport
  • Nog een kenmerk van de toenmalige Tijlstam is haar optimisme en gevoel voor humor.

De vijftiger jaren

Op 26 augustus 1950 maakt onze scoutsgroep zijn eerste meerdaagse kamp als groep mee, na het vorige Kluiskamp in 1947.

De jaren '50 gaan gebukt onder heel wat verandering. Gevestigde waarden worden als ouderwets afgedaan, en begrippen als familie, Kerk en vaderland krijgen het met het stijgen der jaartallen steeds moeilijker. De opkomende techniek geeft heel wat extra spelmogelijkheden, sport als competitie-element neemt sterk toe. Al deze verandering gaan ook bij Jan Breydel gepaard met vallen en opstaan. De groep stapt echter niet af van de basisprincipes van Baden-Powell.

Vermelden waard zijn ook de voetbalwedstrijden tegen naburige groepen in 1954. De Jan Breydelploeg blijkt veel te sterk te zijn voor de anderen! In datzelfde jaar komt er door een meningsverschil een noodzakelijke reorganisatie. Er wordt definitief een punt gezet achter een tweede periode van de Jan Breydelgroep. "En het is stil waar het nooit waait en in een jeugdbeweging waait het dikwijls, maar telkens wordt er met frisse moed en enthousiasme verder aan de weg getimmerd."

Een grote handicap is het feit dat onze groep geen eigen lokaal heeft. De toren van de kerk is verboden gebied geworden en in de kelder verblijven de Welpen. De parochiezaal is de enige overblijvende oplossing.

April 1958. Willy Wouters (Bever) en Leopold Maes stappen naar aalmoezenier Aerts met de vraag of zij een groepsblad zouden mogen uitgeven. Het liep niet van een leien dakje! Niemand heeft toen kunnen denken dat hetzelfde blad ook nog vandaag de dag zou bestaan!

Op 2 november wijdt E.H. Aerts, aalmoezenier, een nieuwe scoutsvlag.

1959 is het jaar van de kentering in de groep. De overgeblevenen van de crisisleiding die in 1955 totaal onvoorbereid en veel te jong de leiding van de groep moesten overnemen, hebben voldoende ervaring opgedaan. Van nu af aan zal de groep een ongekende vlucht nemen. Verschillende oorzaken liggen aan de basis:

  • een leiderscorps dat gedurende verschillende jaren niet fundamenteel zal gewijzigd worden
  • de beschikking over eigen lokalen
  • leiders die bijscholingscursussen volgen en slagen in o.a. Gilwell
  • een goede samenwerking met de parochie
  • het durven buiten de grenzen van de eigen groep te kijken
  • de inzet van de leiding en talrijke externen
  • de vriendschap en het respect voor elkaars eigenheid, dat de leiding met veel vallen en opstaan verworven heeft
  • de afspraak die groeps- en takleiding nemen waarin ze beloven niet op te stappen vooraleer hun werk af zou zijn en de groep over een eigen ingericht lokaal zou beschikken.

Op zondag 4 oktober 1959 wordt de basis gelegd voor een nieuwe traditie, namelijk de filmavonden die ter vervanging is van de jaarlijkse toneelopvoering. Rond deze tijd kunnen verkenners en jongverkenners dankzij het gemeentebestuur hun intrek nemen in Café Sport, gelegen op Markt nr. 6 op de hoek van De Generaal De Schachtstraat en de Markt.

De jaren '60

Officieel starten wij op 28 februari 1960 met de kapoenenwerking. Eugêne Van de Poel (Wielewaal) maakt ter gelegenheid van het groepsfeest ons eigen groepslied.

Na de verhuis uit ons lokaal op de markt zitten we met een niet los te laten spookbeeld van een scoutsgroep zonder lokaal. Maar na enig gecijfer samen met E.H. Saelmans en aalmoezenier Aerts is de kogel door de kerk: wij gaan bouwen op grond van de parochie. E.H. Pastoor zorgt voor materiaal, wij voor metselaars en helpers: de leiders en 8 echte metselaars. Nog voor het kamp worden de grondvesten gegraven en gegoten en op maandag 2 augustus beginnen de werken voorgoed. Februari 1961: ouderfeest. De ouders brengen een bezoek aan de nieuwe lokalen en er volt een diamontage "Blijheid bouw-jaar 1960". Zondag 23 april 1961 volgde de feestelijke inhuldiging.

Bij de welpen komen op zeker ogenblik de koning en de kardinaal op bezoek op hun kamp te Mirwart 1961. Het is ook het eerste jaar dat de welpen mogen genieten van het onvoorziene echte kampleven in een tent. Het experiment zal van dan af ingeburgerd geraken.

Op 22 april 1962 viert de groep zijn 20-jarig bestaan, met een ouderfeest. 200 ouders en sympatisanten vieren samen met 115 aangesloten leden het jubileum. In dat zelfde jaar vieren we in Antwerpen 50 jaar katholieke scouts in Vlaanderen samen met duizenden andere scouts.

Naarmate wij groeien, krijgen wij ook meer en meer behoefte aan uitbreiding. De "kelder van de kerk" wordt veel te klein voor onze welpenhorde. De parochie wordt bereid gevonden een stuk grond ter beschikking te stellen in de hof van de pastorij. Op 28 september '63 beginnen wij aan een tweede bouwfase in ons bestaan. Het wordt een houten lokaal met stenen steunmuurtjes en 72 betonnen welfsels.

1964: Onvoorziene moeilijkheden rijzen op. De parochiale bibliotheek heeft dringend behoefte aan ruimte en er wordt besloten om ze onder te brengen in één van de lokalen aan de Wilsonsstraat. Het andere lokaal wordt welpenlokaal en de gidsen verhuizen naar het houten lokaal achter de parochiezaal. Het is niet zonder heimwee, dat we afstand doen van wat eens een mooie droom was. Deze verhuis en verwisseling van lokalen, brengt spanningen mee tussen scouts en gidsen.

Begin scoutsjaar 1964-1965 wordt er besloten om de kapoentjeswerking op te doeken, bij gebrek aan lokalen en aan leidsters. September 1966: Marcel Doms (Pelikaan) neemt ontslag als groepsleider. Jaren heeft hij deze groep met vrucht geleid. Het is een belangrijk hoofdstuk geweest is de geschiedenis van Jan Breydel en Tijl. In oktober '66 worden alle verenigingen uit de parochie uitgenodigd op een contactavond, met als doel het oprichten van een parochieraad.

1 februari 1968: er ontstaat een conflict tussen de aalmoezenier en de groep. Er wordt een verzoeningscomité opgericht om beide partijen korter bij elkaar te brengen, dat in zijn opzet slaagde.

Op 2 maart 1968 werd er een viering gehouden ter gelegenheid van 25 jaar scouts in de parochiezaal.

In 1969 kregen we bezoek van de Nationale Dienst voor de Jeugd en worden uitgeroepen tot één van de modelkampen van de Vlaamse kamperende jeugd. In de loop van dit scoutsjaar hadden wij stilaan onze intrek genomen in de nieuwe lokalen, gelegen achter de parochiezaal, in de tuin van de pastoor. Het gidsenlokaal grensde vlak aan dit lokaal. Gidsenlokaal.

De jaren '70

Een groot aantal werken moeten nog uitgevoerd worden. Op 10 december beraadt de groepsploeg zich over de oprichting van een oudercomité. Op 23 december wordt dit comité opgericht met een voorlopig bestuur. Als doel wordt gesteld zo spoedig mogelijk een volledig en definitieve oudervereniging te vormen. Vervolgens wordt er op 17 april '72 de v.z.w. Scouting Oudercomité opgericht. Het doel van de vereniging is het verlenen van 1) morele steun en 2) financiële en andere materiële steun aan de jeugdbeweging (in principe aan de scoutsgroep Jan Breydel en indien hun leiding het later zou wensen ook aan VVKM Sint-Katrien) 1972 is een jaar van zoeken, herbronnen en hard werken. Een jaar waarin ook ernstig gewerkt is aan de verbetering van relaties met parochie en ouders.

In '73 vraagt de gidsengroep Sint-Katrien aansluiting bij de oudervereniging en het 1ste Pasvindersbal wordt voorbereid dat op 3 februari zou doorgaan. Op 1 januari 1974 telt het oudercomité 75 leden (ouderparen) op vrijwillige basis.

Van deze tijd dateert ook het ontstaan van de geel-blauwe groepsdassen. De voorraad vilten Catharina-wielen, die van oudsher op de dassen prijkten, raakt immers uitgeput. Beslist wordt een gestreepte groepsdas in te voeren.

Het jungleverhaal wordt weer de basis van de welpenwerking in onze groep dankzij een nieuwe akela. In de programma's komen de teerpooteisen regelmatig aan bod.

In de verkennerstak ontstaat er een blad "Teddy". De uitgave van het groepsblad Kadodder was sedert lange tijd opgeschort. Ondertussen wordt wel een groepsinformatieblad uitgegeven: "Grinfo".

In het begin van het scoutsjaar '72-'73 wordt de bergplaats van het oude lokaal aan de Markt (nu apotheek Naegels) ontruimd en afgebroken. De speleoclub, ontstaan uit de speleoactiviteiten in de schoot van de Stam, scheurt zich los van de scouts en wordt een zelfstandige vereniging. In juni verschijnt het groepsblad Kadodder opnieuw, terug van weg geweest. In deze uitgave schrijft AJVL Tijger een bijdrage over de basisprincipes van scouting: zelfwerkzaamheid, medebeheer, ploegwerking, engagement en dienst. Het zijn 5 principes die we nog vaak te horen zullen krijgen.

Eind '73 komt het op verbondsniveau tot een fusie tussen VVKS en VVKM. Voortaan zal men spreken van Vlaams Verbond van Katholieke Scouts en Meisjesgidsen, het VVKSM. Er komt ook een nieuwe structuur. Een gouw omvat ca. 50 groepen, een district ca. 10 groepen. Tot voor kort behoorde Jan Breydel (71/23) en de Tijlstam (71/24) tot VVKS Gouw Kempen, District Dijle. Vanaf heden behoren we tot gouw Opsinjoor en district Waverheide. Het nieuwe groepsrefertenummer wordt A 35/23 (vandaag is dat A32/S23) De Tijlstam krijgt geen apart nummer meer, vermits er van werking nauwelijks nog sprake is.

Er wordt onderzocht in welke mate scouts en gidsen kunnen samenwerken. Enkele malen scharen de beide groepsploegen zich rond dezelfde tafel, de eerste maal op 7 februari 1974. Maar wat blijkt is dat er geen pedagogische samenwerking en zeker geen coëducatie is weggelegd voor scoutsgroep Jan Breydel en gidsengroep Sint-Katrien.

Er wordt geijverd om een JIN-werking op te starten, maar er is weinig belangstelling. Bovendien zijn de 17-jarigen in de leiding opgenomen.

Het scoutsarchief: Het is steeds in goede handen geweest en daarom ook goed bewaard gebleven. Er bestaat sinds enkele jaren een groeiende belangstelling voor het verleden en de papieren getuigenissen ervan. Op 3 januari 1975 maakt Guido Kinnen op een groepsraad de belofte een archief van de scouts samen te stellen. Wanneer men begint aan het 50 jaar boek in 1992 zal blijken dat Guido Kinne (Antiloop) beschikt over een parel van een archief (dat vandaag in handen is van Ocelot)

Met ingang van het scoutsjaar '76-'77 wordt Inge Teijssen de eerste vrouwelijke groepsleider van Jan Breydel. Zij werd opgevolgd door Jean Van Dessel (Adelaar) die op 36-jarige leeftijd aanvaard werd als groepsleider ad interim. Tot iemand van de jongeren zich bekwaam achtte en aanvaard werd door de leidingsploeg, zou hij de touwtjes in handen nemen. Er volgden na hem enkele snelle wissels die de werking en de continuïteit in de groep niet ten goede kwamen.

In 1976 startte men met de kadoddertak (eerstejaars J.V.'s en laatstejaars Welpen), in de hoop dat de overgang van welp naar J.V. geleidelijker zou verlopen. Door gebrek aan leiding werd deze tak na het kamp van 1978 opgedoekt. In 1979 werd er terug gestart met een kapoenen-tak.

De jongverkenners herstelden een zeer oude gewoonte van toen er nog op bedevaart gegaan werd naar onze parochie. In november werden een soort van koeken verkocht, de zogenaamde "mastellen". (met dank aan de Joppe)

Eind jaren '70 was er terug een impuls van het opvoeren van toneel, maar na 2 jaar werd hiermee gestopt wegens gebrek aan tijd en interesse.

Sinds korte tijd zijn er spanningen ontstaan tussen de leiders van scouts en gidsen en het bestuur van het oudercomité. Op de bestuursvergadering van 10 april 1978 geven de beide groepsploegen een gezamenlijke petitie af waarin ze hun ongenoegen uiten over het feit dat alleen de groepsleiders op de vergaderingen worden uitgenodigd. Er wordt aangedrongen om het oudercomité om te vormen tot groepscomité, dit betekent ook het verdwijnen van een oudercomité. Op een buitengewone algemene vergadering van 30 augustus wordt de ontbinding van het oudercomité een feit. Het zevende en laatste Padvindersbal (februari 1979) wordt georganiseerd door de leiding van scouts en gidsen. Er is toch een zekere waardering voor alles wat ze gerealiseerd hebben, die niet door iedereen in dezelfde mate gedeeld werd.

De zeventiger jaren werden gekenmerkt door een snel wisselen van de groepsleiders en leiding: maar liefst vijf groepsleiders op een periode van acht jaar.

De jaren '80

Scoutsjaar '81-'82: de zwartste bladzijden van de geschiedenis dienden zich aan. De leidingsploeg is verdeeld in twee kampen: de enen zien geen heil meer in uniform, totems, tradities; zij leunen aan bij de strekking die het verbond kenmerkt. Een tweede ploeg verdedigt de traditionele waarden en bezit de drang om er - opnieuw - iets van te maken. Het werd roeien tegen de stroom in, meer dan een jaar lang.

Scoutsjaar '82-'83: al een hele tijd voor de overgang, had een ploeg oud-scouts de koppen bij elkaar gestoken ter voorbereiding van een groot spel: TOXIC AGENT 1982. De Mechelse week bloklettert: Scoutsgroep Jan Breydel herleeft. In de groep zelf komen de kapoenen uit de vergetelheid van de zondagvoormiddagvergaderingen. Het welpenlokaal in de Wilsonsstraat wordt in 2 gedeeld, voortaan zitten de kapoenen vooraan, de welpen achteraan. Op zondag 9 januari maken we met de voorstam onze nieuwe vlaggenmast (de mast heeft de verhuis naar de Vossevelden overleefd)

De VT's nemen stilaan het roer over. Na het kamp werden de koppen bijeengestoken voor wat zou uitdraaien op de definitieve koerswijziging voor de scouts Jan Breydel. Het zwaartepunt lag hem vooral bij de financiële toestand.

Mogen we ook niet vergeten: " de jubileumviering 40 jaar Jan Breydel ". Een stoet van het lokaal in de Wilsonsstraat naar het gemeentehuis, een toespraak van de toenmalige burgemeester Michel Van Dessel. Later in de namiddag waren alle oud-scouts uitgenodigd in zaal De Club. Er volgende een eucharistieviering met oud-groepsleider Marcel Doms en een koffietafel met een toespraak door Beer, Willy Op De Beeck, stichter en scout gebleven in hart en nieren om vervolgens af te sluiten met een diamontage en een zangstonde.

De kapoenen gingen de eerste keer mee op groepskamp in 1983. Verder hadden we ook het dagelijkse kampnieuws via radio Carina: een zeer geslaagd programmaonderdeel.

Scoutsjaar '83-'84: Op 2 september 1983 werd Dirk Symons (Gems) verkozen tot groepsleider. Met de bedoeling als

Tijdens Felenne '84 wordt ook onze Jan Breydeldag geboren, een creatie van Peter Hens (Kievit). Via kampenlang sportdag of zelfs VT-dag genoemd te zijn, wordt de Jan Breydeldag tot wat hij nu nog is: een activiteitendag waarin ploegen uit de 4 takken samengesteld, elkaar bekampen in zowel ludieke als sportieve opdrachten.

Scoutsjaar '84-'85: In november hebben we "Operatie Pan l", een attractief weekend voor de verkenners. Op zondag 10 februari is er een oudernamiddag in zaal De Club, waar vooral de diamontage van Felenne '84 veel bijval oogst. Op 21 juni '85 worden de geel-blauwe dassen afgeschaft en opnieuw vervangen door de grijze verbondsdag. Ons groepsblad Kadodder heeft het moelijk, vooral op technisch gebied, maar burgemeester Van Calster geeft de toelating om ze te stencillen in de kelder van het gemeentehuis. Ondertussen hebben de gidsen definitief afgezien van hun medewerking aan "Kadodder" dat gedurende een zevental jaren het groepsblad is geweest van beide groepen.

Scoutsjaar '85-'86: Operatie Pan ll 5 en 6 april '86 was er een activiteitenweekend voor de JV's. Voor de verkenners was er een speleo-weekend op 26 en 27 april te Mont-sur-Meuse.

Scoutsjaar '86-'87: Er is een nieuw initiatief: O.C.R. (Operation Cool Resistance), een Ardennenweekend en onderweg vanzelfsprekend de gekende ingrediënten: kaart en kompas, C-rantsoen-eten, touwafdaling (rappel)... Meerdere edities zullen volgen. Op vrijdag 9 januari '87 heeft de eerste nieuwjaarsreceptie plaats, waarbij alle leiding en oud-leiding uitgenodigd worden in een Breugheliaans decor. 25 mei '87 organiseren we een opendeurdag aan de lokalen, met een weerom een diamontage van Sperwer (Mark De Wit) over het kamp '86 en die dag wordt de bikkenverkoop ook gestart.

Op 21 juni '87 toverden we de markt om tot een heuse danszaal met een grote tent. We hielden het eerste verkleed kinderbal van de kapoenen. Dankzij de medewerking van vele scoutshanden een geslaagd initiatief. De kampplaats van '87 was Halenfeld, die ook wel bekend is als slijkkamp. Bij de jongverkenners ontstond op dit kamp het idee van de overlevingstocht: zo waren ze toch ook een tijdje uit de blubber. Het viel in de smaak en is gebleven tot op heden.

Scoutsjaar '87-'88: Het overgangsspel staat in het teken van 75 jaar scouting in Vlaanderen. 45 jaar Jan Breydel en het 30ste levensjaar van Kadodder. Bij de leiding komt het werksysteem met comité's in voege: voor de TD's, papierslagen, kamp enzomeer. Onze jongverkennerstak organiseert haar eerste paaskamp op domein Roosendael, een nieuwe traditie is geboren.

Scoutsjaar '88-'89: Kort na de start van het nieuwe scoutsjaar organiseren de welpen hun opendeurddag in de conferentiezaal van de parochie. Een goed voorbereide namiddag met een koffietafel, diareeks van het kamp, een tombola, en toneelstukjes van de welpen zelf. Op 1 april zenden we een afvaardiging naar een herdenkingsplechtigheid omtrent de stichter van scouting in België, Georges De Hasque. Op 28 mei '89 wordt het 25-jarig priesterjubileum van Willy Van Ermen mee, waarin de scouts een sleutelrol speelden.

Scoutsjaar '88-'89: Het roer van onze scoutsboot wordt overgenomen door Ibis (Kris Fostier). Gems (Dirk Symons) neemt een versnelling terug, en wordt adjunct-groepsleider. Eind september trekken de jongverkenners, verkenners en oud-scouts naar Ochamps, deze keer voor het overstap-weekend MishMash: een kennismakingsactiviteit in de nieuwe tak. Weerom wordt de aanzet gegeven tot een traditie, er zullen nog velen volgen. Via het middenstandscomité van het centrum zetten we een hoogst originele kerststal op het marktplein.

'90-'92

Op 65-jarige leeftijd overlijdt Willy Op De Beeck (Beer), onze stichter. Op 20 mei 1990 houden we een Opendeurdag, maar niet zomaar één: neen, een opendeur op verplaatsing, meer bepaald de Ardennen (Boussu-en-Fagne). Daar hadden we onze tenten en shelters opgeslagen ter verwelkoming van leden, ouders en vrienden. Een succesformule, uitgedacht door Ibis (Kris Fostier). Het menu maakte melding van ontbijt, tochten en barbeque.

Het wordt steeds moeilijker om nog een geschikte, ongerepte kampplaats te vinden met onze criteria. Het vlaams landsgedeelte hebben we definitief afgezworen wegens te druk, te weinig bos (voor onze activiteiten dan toch) en het invoegetreden van het nieuwe bosdecreet (1992). Ook de uitverkoren oostkantons als grote trekpleisters komen niet meer aan de orde wegens een "neen" van de plaatselijke overheden. De wedstrijden van de "sterkste mans van het kamp" zijn een initiatief van het kamp '90 te Boussu-en-Fagne (ll) indertijd waren de proeven: kogelstoten, optrekken, balkzagen, balkwerpen, balktrekken en stoopsleuren...

Scoutsjaar '90-'91: In november '90 starten we de voorbereidingen voor het 50-jarig jubileum van Jan Breydel. De Jan Breydeluitstap gaat door te Warempage nabij La Roche op 19 mei '91. Vier bussen met deelnemers!

Scoutsjaar '91-'92: Begin december gaat de mailin met de aankondiging van ons feestjaar de deur uit. Een 150-tal oud-scouts bevestigen hun interesse en abonneren zich op Kadodder. Op 23 december '91 overlijdt stichter-aalmoezenier Robert Smets, die indertijd onderpastoor was van de Sint-Catharinaparochie. In april starten de voorbereidingen van het overgangsspel. Deze knal van een activiteit zou het startschot worden van de jubileumactiviteiten. Als vanouds wordt het overgangsspel ingezet de zondag na de Katelijnse kermis.

Scoutsjaar '90-'91: Het jubileum wordt zoals reeds gezegd ingezet met de overgang en het bijpassende 'overgangsspel': een schot in de roos voor oud-scouts en scouts. Met een gepaste teletijdsmachine "1942-1992" en vele hulp van oud-scouts werd het weer een onvergetelijke dag. Ondertussen zijn we reeds aan de vierde editie toe van de MishMash op 3 en 4 oktober.

Dankwoordje aan de makers van het "50 jaar Jan Breydel boek"

Bij deze willen wij de makers van het boek dat in maart 1993 gepubliceerd werd van harte danken. De teksten die hier zijn weergeven zijn volledig gebaseerd op jullie verfijnd opzoekings- en geschiedeniswerk.

  • Redactie en samenstelling: alle leden, oud-leden en sympathisanten
  • Lay-out: Paul Serneels
  • Zetwerk: Mieke Vermuyten, Katelijne De Pooter
  • Verantwoordelijke Uitgever: Dirk Symons
  • Samenstelling van het boek: 
    - '42-'50: Herinneringen aan de scoutsbeweging te Sint-Katelijne-Waver (Michel Van Dessel)
    - '48-'64: De vijftiger jaren (Leopold Maes)
    - '64-'80: Hoe een scoutsleven begint in 1964 (Francis Maes), De scoutswerking van september 1971 tot juli 1976 (Francois Heymans), Herinneringen aan de scouts van 1972 tot 1980 (Jean Van Dessel)
    - De scoutsjaren vanaf 1980 tot nu (Dirk Symons) 

Mochten jullie interesse hebben in dit boek: het is uitleenbaar in de hoofdbibliotheek van Sint-Katelijne-Waver, en ook nog verkrijgbaar bij Ocelot (Yvan Meeus)

Om af te sluiten nog een citaat uit ons "50 jaar Scouting Jan Breydel"-boek: " Eenieder die ooit echt door de scoutsmicrobe gebeten is, draagt daar levenslang de gevolgen van. De meeste jongens voelen dit reeds vlug wanneer zij enkele tijd bij de scouts zijn aangesloten. Men komt niet bij de scouts zoals men aansluit bij een sportclub of andere jeugdbeweging. "Scout" is men, het is een levensstaat. Men wordt er in ondergedompeld, men ademt het in, men beleeft het en vooral: men voelt het."

Wie van de (oud)-scouts durft beweren dat zijn/haar hart en gemoed niet worden aangesproken, wanneer enkele tientallen jongens- of mannenstemmen rond een langzaam wegstervend kampvuur hun avondlied zingen?

Wie zou durven beweren dat al diegenen die hun belofte afleggen en die plechtig beloven "andere mensen te helpen, waar ik kan", niet getekend worden door die belofte en door hun leuze "Weest paraat"?

Wie zou durven beweren dat er geen koude rillingen langs zijn/haar rug lopen wanneer er bij een huwelijks- of begrafenisplechtigheid door een massa het beloftelied gezongen wordt?

Wie zou durven beweren dat, zich dag in dag uit inzetten als "leider" voor jongeren, niet oproept tot blijvende verantwoordelijkheid en blijvende inzet voor de medemens?

Iedereen weet dat uit deze Jan Breydelgroep en uit deze Tijlstam heel wat karaktervolle persoonlijkheden zijn gegroeid, die door hun inzet en dienstbaarheid "voortrekkers" zijn en waren in onze moderne maatschappij.

(Leopold Maes)

Waarom dit uitgebreide geschiedenis-hoofdstuk op onze webstek?

We vinden het als groep erg belangrijk dat we ook eens achter ons kunnen kijken. Naar hoe het toen was, welke gewoontes er toen waren, wat er allemaal veranderd is. Het zou weinig respectvol zijn indien we er geen aandacht aan zouden besteden. Dankzij dit alles kunnen we vandaag nog van genieten van scouting.

We zijn er ook steeds trots op dat we bijna elk jaar een hechte groep van oud-scouts kunnen aanspreken om ons overgangsspel mee te helpen organiseren. Zij verdienen alle lof!